De Groene Vesting

een levende linie om 's-Hertogenbosch

Home ยป Grobbendonck ยป Sint Jan en 1629

Sint Jan en 1629

[responsivevoice_button voice=”Dutch Female”]

Rond 8 mei 1629 werd opgemerkt dat het in de Sint Jan drukker was dan anders. Velen gingen er bidden vanwege de zware tijden. Ook klom men in de toren want als je zo hoog staat, heb je een goed uitzicht over de wijde omgeving en kan je de verschansingen en kampementen van de vijand zien.

Er wordt gezegd dat de Geestelijkheid in de stad onder de gemeente rondvertelt dat de Moeder Gods op de wallen heeft gewandeld en heeft gezegd โ€œHeb goede moet, het ontzet is nabijโ€.  

Op 23 mei was het voor de derde keer dat een bode de stad probeerde te verlaten en nu kwam hij niet terug. Toen men vanaf de St Janstoren ‘s-nachts zag dat er een vuursignaal gegeven werd vanaf de toren van Breda wist men dat het de bode gelukt was en op weg was naar Brussel. Op dinsdag 29 mei idem.

Rond 30 mei 1629 vonden de eerste beschietingen op de stad plaats door Frederik Hendrik.
Het huis van de bisschop en van enige burgers werden beschadigd. Men schoot door de toren van de St Jan en de toren aan de Boom.

Op 1 juni 1629 gaven ze vanaf de Sint Janstoren een vuursignaal. Een fakkel is drie maal op en neer geheven om aan te duiden dat de bode veilig met de vreugdevolle berichten binnen de stad is gekomen.

Op 11 juni werd door de kerk heen geschoten. Iedereen schrok er erg van en velen verlieten het gebouw. Een man die aan het biechten was werd gewond aan zijn been.

Op de afbeelding is te zien dat zich voor de St Jan in 1629 nog een begijnhof bevond, daar waar nu de parade ligt.

Het was een van de grootste begijnhoven van Nederland,

Op 29 juni kon je zien dat de kerk te lijden had van beschietingen van kanonnen. De bisschop Ophovius probeerde kalmte te prediken en zijn preek werd altijd gevolgd door veel volk. Op 2 juli werd er door de St Jan geschoten terwijl de mis werd gecelebreerd. Gelukkig raakte niemand gewond.

Op 20 juli trof een kogel het altaar van Maria Magdalena dat volledig vernield werd. Dat altaar stond in de 5e straalkapel achter het hoofdaltaar. Het schot kwam van de Koedijk die tussen Orthen en het Noorden van de stad lag.

Op 26 juli zag men ‘s-nachts vanaf de St Janstoren grote branden in de richting van de Veluwe. Daar was Hendrik van den Bergh aangekomen. Op 2 augustus hoorde men in de stad dat misschien Ede en Wageningen waren gevallen.

Op 3 augustus trok men naar de komme in de St Janstoren waarin de belangrijkste privilieges van de stad werden bewaard alsmede het grote stadszegel dat dient om oorkonden te verzegelen. Van veel Bosschenaren en mensen die naar de stad gevlucht waren zijn de geldkisten geopend om de soldaten uit te kunnen betalen. Na de oorlog zou dit geld weer worden terugbetaald. De oorkonden konden bezegeld worden door naar de komme te gaan.

Op 6 augustus viel een 20 pond zware bom door รฉรฉn van de kerkramen en viel vlak voor de voet van de tabernakeltoren neer. Er was bijna geen schade hetgeen voor de Bosschenaren betekende dat God ze goed gezind was.

Op 19 augustus werd de weduwe van de vroegere koster van de St Jan, bijgenaamd de slimme koster, geraakt door een kogel, toen zij op een bank in de Torenstraat voor de St Janstoren zat. Een been van haar werd afgeschoten.

Op 27 augustus werd de St Jan weer verschillende malen getroffen door bommen.

Op 28 augustus klom een schrijver van de dagboeken de St Janstoren in en schreef dat het een angstwekkend gezicht was al die soldaten rond de stad te zien liggen. Vanuit de linies gaan er van alle kanten loopgraven naar de stad toe. Bij de Hinthamer- en Vughterpoort hadden ze al de stadsgracht bereikt.

Op 29 augustus beviel de vrouw van van Grobbendonck. Ze baarde een zoon Ignatius Augustinus maar het was te gevaarlijk hem in de St Jan te dopen. Toen ook Bisschop Ophovius de toren beklom werd er veel op de toren met kanonnen geschoten omdat hij opviel vanwege zijn opvallende witte habijt.

Op 2 september, toen nog honderden mensen in de kerk waren, sloeg een dubbele bom in. Het harde geluid werd gevolgd door het geluid van klaterend puinafval.

Op 3 september vernielde een bom het orgel dat in de kapel van de Onze Lieve Vrouwe Broederschap stond opgesteld.

Op 4 september warren er veel mensen in de St Jan om te bidden maar werd er weer door de kerk geschoten en ontstond er paniek. Gelukkig bleken maar enkelen gewond.

Op 7 september verplaatste Bisschop Ophovius de misvieringen naar de Sint-Annakapel: het was te gevaarlijk om nog in de kathedraal bijeen te komen.

Een kanonskogel liet het sacramentshuisje van het Sint-Bartholomeusaltaar onbeschadigd en โ€˜alleenlyk een klyn wit pleksken van de groote van een palme van een hantโ€™ op een pilaar vlakbij achterliet. (de Cauwer)

Nog voor de officiele capitulatie op 14 september 1629 hing de Oranjevlag al aan de kerktoren. Pieter Jansen, een vaandrig uit het leger van de prins, wist met de vlag onder zijn kleren ongemerkt de stad binnen te komen en hem uit te hangen boven in de toren van de St Jan.

Op 16 september werd voor de laatste keer een katholieke eredienst in de St Jan gehouden gevolgd door een processie door de straten. De eigendommen van de St Jan werden ingepakt.

Op maandag 17 september kwamen er in alle vroegte 1200 karren aan, waar degenen die gingen vertrekken hun huisraad en andere zaken op konden leggen. Vanaf 5 uur was het Bossche garnizoen al bezig de stad te verlaten en dat duurde de hele dag. Men trok weg via Vught waar een tent stond waarin de uittocht werd gadegeslagen door Frederik Hendrik, zijn gemalin Amalia van Solms en wel 40 – 50 hertogen, graven en baronnen.
Veel geestelijken en ook de vrouw van van Grobbendonck met haar drie weken oude kind vertrokken in koetsen.
Na de uittocht trok Frederik Hendrik met zijn troepen de stad in en zij namen de belangrijkste posten in.

Op 19 september vond de eerste hervormde mis plaats in de St Jan bijgewoond door Frederik Hendrik en Amalia van Solms en de Prins van Denemarken. Er werden drie kinderen gedoopt.

De geschiedenis van de St. Jan.

In 1380 begon men met de bouw van de St. Jan.

Rond 1500 telde ‘s-Hertogenbosch 20.000 inwoners en was op Utrecht na de grootste stad van Nederland.
Op wel 100 heiligendagen werd niet gewerkt, de St Jan had ongeveer 50 altaren en in 33 gasthuizen werden ouderen verzorgd. De stad werd klein Rome genoemd. Er woonden 900 religieuzen, en160 begijnen in 16 kloosters en 9 refugiehuizen. Sinds 1273 was de Bossche Latijnse school in de stad gevestigd. De stad was omringd met muren met kantelen en hoektorens alsof het een groot kasteel was. De toegangspoorten waren imposant en van de poort naar Vught, de Pieckepoort werd gezegd dat het de mooiste stadsentree van Nederland was.

Op de St. Jan had men een middentoren gebouwd van 85 meter hoog en anderen zeggen 114 of 96 meter. Imposant stak de kerk uit boven het vlakke land en de stad werd beschermd als een groot kasteel. Als we dat nu nog hadden waren we een van de grootste toeristische attracties in Europa. De torenvloer lag in 1223 op +4,5 m. In 1515 lag die op + 6,35 en was dus 1,8 meter opgehoogd.

Maar in 1503 liepen de eerste Portugese schepen de haven van Antwerpen binnen en in 1510 had Den Bosch vrijwel geen handel meer. De 16e eeuw werd de gouden eeuw voor Antwerpen.

De voorspoed die de stad kende tot 1510 verdween en er heerste twist en tweedracht, de hoge en lage klasse wantrouwden elkaar, er was strijd tussen de heren en de gilden, tussen geestelijken en wereldlijken die tot dan toe altijd in vrede geleefd hadden. Ze gaven elkaar de schuld van de tegenspoed. 

Op 22 augustus 1566 vond een beeldenstorm plaats in de St. Jan en van 10-15 oktober 1565 nog een keer.
Fillips II was heel katholiek en toen hij hiervan hoorde werd hij furieus. Hoe durven mensen heilige beelden van hun sokkel te trekken. De Spaanse inquisitie werd ingesteld en hertog Alva moest dit met harde hand rechtzetten.

In 1567 haalden militante Calvinisten Bombergen uit Antwerpen. In die tijd was 20 % Calvinist.

Slechts drie dagen na zijn aankomst, op 21 februari, greep hij de macht. Een groep gewapende calvinisten drong zich op aan de vergadering van het stadsbestuur, en eiste dat Bombergen het bevel zou krijgen over de stedelijke troepen die zouden worden geformeerd. Dit werd toegezegd, en Bombergen gebruikte vervolgens zijn militaire macht om het bestuur naar zich toe te trekken.

Hij verbood zelfs de katholieke eredienst en Bombergens troepen beheersten de stad en haar bestuur. Een predikant zei zelfs: โ€œhet is Gods welgevallig werk om priesters te vermoordenโ€

Margaretha van Parma nam de nodige tegenmaatregelen tegen die rebelse stad ‘s-Hertogenbosch. Zij schortte alle voorrechten van de stad op evenals andere gunsten en vrijbrieven en uitstel van betaling van bede. De stad en de ketters in het bijzonder zouden gerechtelijk worden vervolgd. En de toevoer van goederen en levensmiddelen werd gestopt.

Op 1 april 1567 kondigde de landvoogdes nog verder gaande maatregelen af. De stad werd van haar privileges vervallen verklaard, bezittingen werden geconfisqueerd en inwoners van โ€™s-Hertogenbosch buiten de stad werden in hechtenis genomen.

โ€˜s-Hertogenbosch verwijdert Bombergen en dominees uit de stad (11 april 1567)

350 Bosschenaren werden veroordeeld en 20 Bosschenaren kregen de doodstraf. Ook werden er bij de bevolking soldaten ingekwartierd. De felle vervolging van calvinisten na de Beeldenstorm was voor veel Bosschenaren (een derde van de bevolking!) reden de stad te ontvluchten.

Op 9 mei 1567 was er in ‘s-Hertogenbosch weer een gezongen mis in het koor van de Illustre Lieve Vrouwe Broederschap, gevolgd door een plechtige processie waaraan ook schutterijen en gilden deelnamen

Bisschop Sonnius keerde na de inlegering van een vertrouwd garnizoen terug naar de stad. Hij begon de ontwijde kerk- en kloostergebouwen opnieuw te wijden.

Het gezag van Brussel was hersteld. Raadsheren van de Raad van Brabant kregen bevel om in enkele Brabantse steden informatie in te winnen over de verleden rebellie en ongehoorzaamheid. Overal werden stadsbesturen en geestelijken ondervraagd over de gebeurtenissen gedurende zomer van 1566. Op basis van al deze verslagen, die per ommegaande naar Alva in Brussel werden gestuurd, velde Alva en zijn naaste getrouwer de vonnissen.

Toch groeide de protestantse gemeenschap weer, innames van de stad werden verijdeld en vond de Schermersopstand plaats met 42 doden 100 gewonden.

10 juli 1584 dood werd Willem v Oranje door Baltazar Gerards gedood. Op 25 juli werd er in de St Jan een te deum laudamus gehouden en diezefde dag sloeg om 23.00 uur de bliksem in en raakte de 85 meter hoge middentoren.
De klokken vielen gesmolten naar beneden en er was veel schade.

Toch werd de kerk hersteld en tijdens het 12 jarig bestand van 1609 tot 1621 plaatste men tegen de toren een fantastisch en kostbaar orgel.

Ga in de kerk langs het hoofdaltaar en ga dan links richting de Mariakapel. Klik daar op de onderstaande knop.
(Ga de kapel niet in want die is alleen voor gebed).